Het palio van Ferrara
Een maand vol versieringen, wedstijden en competities tussen 8 streken van San Giorgio. 4, 10, 11 mei wedstijd van de antieke spelen van de vlag van Estensi. 17 mei: storische stoet.
25 mei: wedstrijd van het Palio Voor informatie: 0039 0532 751263
Route van Ferrara naar Portomaggiore – ong. 28 Km Vanuit het Kasteel Estense gaat men Corso Giovecca op totdat een grote rotonde bereikt is. Hier gaat men rechtsaf langs het fietspad die in het groen onder de stadsmuren ligt tot de antieke wijk San Giorgio, net aan de andere kant van de brug over de Po van Volano. Vervolgens gaat men linksaf op de via Comacchio.
Na enkele kilometers moet men links afslaan, richting Aguscello, op een korte maar prettige weg door bomen omgeven die zich midden in het groene, rijk aan oude landhuizen en herenhuizen, plattenland bevindt. Bijzonder is, net voor de bebouwde kom, Villa Mazza omgeven door een mooi groot park, beide uit de XIXde eeuw.
De route lijdt verder naar Cona. Hier gaat men richting Gualdo en dan naar Voghenza, een van de oudste dorpen van de Provincie Ferrara. Voghenza was de hoofdstad van dit gebied gedurende het Romeinse Rijk, toen werd hij in de middeleeuwen een belangrijk bisschoppelijk centrum totdat de katheder in de VIIde eeuw naar Ferrara was overgebracht. De kerk van San Leo, waarin de middeleeuwse sarcofaag van de Sint ligt, en de opgraving, die dankzij de resten vanuit de periode tussen de Iste en IIIde eeuw de belangrijkste van dit gebied is, zijn zeker een bezoek waard. De opgraving is vanuit de straat, door een afschutting zichtbaar.
Voghenza ligt heel dichtbij Voghiera. Dit dorp was langs de rivier Sandolo opgebouwd, een taak van de middeleeuwse Po-delta die niet meer bestaat en die de Po van Volano en de Po van Primaro, beide nog bestaand, verbond. De twee dorpen zijn door het grote en rijk begroeide Park van Villa Massari-Ricasoli gescheiden. De Villa, sinds de XVIIIde eeuw als Villa Mazzoni bekend, was door de pauselijke legaten van Ferrara in gebruik als zomerhuis.
Kort na de laatste huizen van Voghiera verschijnt de grote vierhoek van de Delizia del Belriguardo, een van de imposantste gebouwen uit de Italiaanse renaissance. Het bouwen van de Delizia del Belriguardo was in 1435 naar de wil van Niccoló d’Este de IIIde en tegenwoordig als Archeologisch Museum in gebruik.
De route lijdt verder langs Runco en vervolgens naar Gambulaga, landbouwdorp waar de parochiale kerk uit de XVIIIde eeuw, waarschijnlijk van de architect Antonio Foschini, te zien is. Midden in het plattenland, vlakbij de bebouwde kom, ligt de Delizia del Verginese, bijna een miniatuurkasteel uit de XVIde eeuw, bekend als verblijfsplaats van Laura Dianti, minnares van Hertog Alfonso d’Este de Iste.
Vanuit Gambulaga gaat men naar Sandolo en, na een bezichtiging van de Pieve Romanica van San Michele, ten slotte naar Portomaggiore. De naam van dit grote dorp (letterlijk “Belangrijkste haven”), zoals die van Portoverrara en Ripapersico, zijn verbonden aan het feit dat in het verleden hier een aantal nu verdween rivieren zich bevonden, deze maakten de navigatie mogelijk daar waar nu alleen maar bouwland te vinden is.
De strategische ligging van Portomaggiore, midden in een dicht waterverkeersnet, heeft van hem een belangrijk centrum gemaakt, die al in de XVde eeuw meer dan duizend inwoners had. Van zijn geschiedenis zijn weinig sporen overgebleven omdat de dorpskern tijdens de IIde Wereld Oorlog bijna volledig vernietigd is. Toch mogen nog vele overblijfselen het licht aanschouwen tijdens casuele of archeologische opgravingen.